Broeders en zusters

Hier onder treft u de liturgie aan voor D.V. zondag 25 september 2022. 

Morgendienst  10.00 uur

Welkom - ouderling

Weerklank 495: 1,2 (Schuldig staan wij voor U, Heer)

1. Schuldig staan wij voor U, Heer, 
schuldig, onweersproken.
Tel de duizendmaal dat wij
U hebben ontbroken.
Zie ons aan: / onze naam
had Gij opgeschreven
in uw boek des levens.

2. Doorgang hebben wij ontzegd
aan wie wilden leven,
mensen keer op keer ontrecht,
steen voor brood gegeven,
God, blijf Gij / toch nabij:
dat Gij ons verleden
nieuw herschrijft met vrede!

Mededelingen van de kerkenraad - ouderling
Stil gebed
Votum en groet
Psalm 100: 2
Wet van de HEERE
Psalm 6: 3,4
Gebed (met voorbede en dankzegging)
Schriftlezing Jes. 1:21-31
Inzameling van de gaven
Psalm 38: 18,21
Verkondiging
Psalm 5: 4,11
Avondmaalsformulier (vervolg)
Zingen ter inleiding op Avondmaalsbediening Psalm 9: 1

Avondmaalsbediening

Zingen (bij tafel 1) Psalm 9: 2
Zingen (bij tafel 2) Psalm 9: 10
Zingen (bij tafel 3) Psalm 9: 11

Avondmaalsformulier (slot), incl. dankgebed
Psalm 77: 8
Zegen

Tekst verkondiging Jes. 1:27

Thema: de HEERE is redding
1. Gods oordeel
2. Gods heil


Middagdienst 17.00 uur


Welkom - ouderling

Weerklank 495: 3,4 (Zwijgend in de eigen schuld)

3. Zwijgend in de eigen schuld
duchten wij het duister.
Gij onthult ons uw geduld
als uw liefde luistert.
Wil de klacht / dat de nacht
dood loopt in ons vragen,
verre van ons dragen.

4. Onze ontrouw hebt Gij ver
achter U geworpen.
Gij verheft uw aangezicht
als de nieuwe morgen.
Uw gericht / schept ons licht,
waar wij onze wegen
kiezen met uw zegen.

Mededelingen van de kerkenraad - ouderling
Stil gebed
Votum en groet
Psalm 109: 18
Gebed voor opening Gods Woord
Schriftlezing Jes. 2:1-5; 1 Joh. 1:5 - 2:6
Inzameling van de gaven
Psalm 98: 2,3
Verkondiging
Psalm 89: 7,8
Dankgebed
Psalm 91: 1
Geloofsbelijdenis
Psalm 108: 1,2
Zegen

Tekst verkondiging Jes. 2:5

Thema: Wandelen in het licht van de HEERE
1. het licht van het kruis
2. het licht van de Geest
3. het licht van de wereld


Middagdienst 15.30 uur

Stil gebed
Votum en groet
Psalm 27: 1

1. God is mijn licht, mijn heil, wien zou ik vrezen?
Hij is de HEER', die hulp verschaft in nood,
mijn levenskracht; 'k heb niet vervaard te wezen;
Hij is 't, Die mij beveiligt voor den dood.
Wanneer de macht der bozen sloeg aan 't woên,
en aanrukt’ om zich met mijn vlees te voên.
stiet zelf dit rot,dat mij benauwt en haat,
den voet en viel, omdat het God verlaat.

Gebed
Schriftlezing Jes. 1:21-31

Tekst overdenking Jes. 1:27
Korte overdenking Door het gericht tot het heil 
Avondmaalsformulier (kort)
Zingen ter inleiding op Avondmaalsbediening 
Psalm 27: 5

5. Mijn hart zegt mij, o HEER' ,van Uwentwegen:
"Zoek door gebeên met ernst Mijn aangezicht!"
Dat wil, dat zal ik doen; ik zoek den zegen
alleen bij U, o Bron van troost en licht!
Verberg toch niet Uw oog van mij, o HEER'
ik ben Uw knecht, zie niet in toorne neer!
Gij waart mijn hulp in al mijn zielsverdriet,
O God mijns heils, begeef, verlaat mij niet!

Avondmaalsbediening
Psalm 27: 6

6. Want, schoon ik zelfs van vader en van moeder
verlaten ben, de HEER' is goed en groot;
Hij is en blijft mijn Vader en Behoeder,
Leer mij, o God, Uw weg in allen nood;
bestuur, om mijns verspieders wil, mijn voet
op 't effen pad; dat 's vijands euvelmoed
mij nimmer treff'; vervoerd door list en dwang,
getuigt men vals tot mijnen ondergang.

Avondmaalsformulier (slot), incl. dankgebed
Inzameling van de gaven
Psalm 27: 7

7. Zo ik niet had geloofd, dat in dit leven
mijn ziel Gods gunst en hulp genieten zou,
mijn God, waar was mijn hoop, mijn moed, gebleven?
Ik was vergaan in al mijn smart en rouw.
Wacht op den HEER’ godvruchte schaar, houd moed!
Hij is getrouw, de bron van alle goed.
Zo daalt Zijn kracht op u in zwakheid neer.
Wacht dan, ja wacht, verlaat u op den HEER’!

Zegen

Het oordeel over Jeruzalem

21 Hoe is de trouwe stad tot een hoer geworden!
Vol recht was zij, gerechtigheid overnachtte in haar, maar nu – moordenaars!
22. Uw zilver is tot schuim geworden, uw wijn is vermengd met water.
23. Uw vorsten zijn opstandig en metgezellen van dieven. Ieder van hen houdt van geschenken,
zij jagen wederdiensten na. De wees doen zij geen recht, en de rechtszaak van de weduwe raakt hen niet.
24. Daarom spreekt de Heere, de HEERE van de legermachten,  de Machtige van Israël: Wee u! Ik zal troost halen bij Mijn tegenstanders, Ik zal Mij wreken op Mijn vijanden.
25. Ik zal Mij tegen u keren, Ik zal uw schuim als met loog uitzuiveren en Ik zal al uw tin wegnemen.
26. Ik zal uw rechters teruggeven als vroeger, en uw raadslieden als in het begin. Daarna zult u genoemd worden: stad van de gerechtigheid, trouwe stad.
27. Sion zal door recht verlost worden, en wie van haar zich bekeren, door gerechtigheid.
28. Maar er zullen rampen zijn voor zowel overtreders als zondaars; wie de HEERE verlaten, zullen omkomen.
29. Want zij zullen beschaamd worden vanwege de eiken die u begeerd hebt, en u zult rood worden van schaamte over de tuinen die u uitgekozen hebt.
30. Want u zult zijn als een eik waarvan de bladeren verwelken, en als een tuin die geen water heeft.
31. En de sterke zal tot vlasafval worden en wie het bewerkt, tot een vonk; die twee zullen samen verbranden, en niemand zal er blussen.